Snel zoeken
 
  Introductie  
    Microlepidoptera
    Macrolepidoptera
  Kleine vlinders  
    Over de families
    Biologie
    Vijanden
    Morfologie
  Praktijk  
    Verwarringen
    Kweekmethoden
    Veldwerk
    Prepareren
    Determineren
    Waarnemen
    Beheer en behoud
Systematiek
    Taxonomie
    Phylogenie
    Afkortingen
    Nederlandse namen
 
Microlepidoptera.nl > Educatie > Families > Autostichidae
   
Autostichidae

Slechts drie soorten uit deze familie staan gemeld op de Nederlandse lijst, terwijl Europees bijna honderddertig soorten bekend zijn. In ons land kennen we het genus Oegoconia (Stainton, 1851) met de soorten O. caradjai (Popescu-Gorj & Capuse, 1965), O. deauratella (Herrich -Schäffer, 1854) en O. quadripuncta (Haworth, 1828). Van oudsher was alleen O. quadripuncta bekend uit ons land, waarbij later ook O. deauratella ontdekt werd tussen het materiaal van de voorgenoemde soort. Inmiddels blijkt O. deauratella de algemeenste soort in ons land. Onlangs werd ook het voorkomen van O. caradjai in Nederland opgemerkt (Koster, 2004). Na onderzoek tussen het Belgisch materiaal bleek deze soort ook hier bekend te zijn en er wordt over gesproken dat O. caradjai daar mogelijk de algemeenste soort uit dit complex betreft (De Prins, 2005). Het voorkomen van O. quadripuncta in Nederland is in twijfel getrokken omdat zowel in private als landelijke collecties tot dusver nog geen Nederlands materiaal van O. quadripuncta is aangetroffen.

De vlinders worden gekenmerkt door een donkere grondkleur van de voorvleugel, met daarop enkele lichtere banden, bij O. caradjai vaak tegen het (citroen)gele aan, bij O. deauratella en O. quadripuncta meer wittig. De voorvleugels zijn tamelijk recht, apex vrij stomp. Ondervleugels vuilgrijs met donkere franje, redelijk puntig en niet smal. Het onderscheid tussen de laatste twee genoemde soorten is zeer lastig en verwezen wordt vaak naar het verschil in de genitalia. De palpen zijn lang en smal. De antennen, die tamelijk stevig zijn, bezitten geen brede schubbenbasis aan de basis.

De vlinders komen, voornamelijk in de zomerperiode, goed op licht en zij worden ook wel eens binnenshuis aangetroffen. Tot op heden bestaat er geen duidelijkheid over de levenswijze en de voedselkeuze.


Figuren
1.
Oegoconia deauratella (coll/foto: T. Muus).

 

 
    © All content copyright www.microlepidoptera.nl and allied photographers