|
Haplotinea insectella in Nederland
Zeldzaam in Nederland. De waarnemingen concentreren zich vooral op de zandgronden in de provincie Overijssel.
Herkenning
De adult vliegt van eind mei tot begin augustus, zeer waarschijnlijk in een generatie.
De adult heeft roestbruine tot roodbruine kopbeharing. Voorvleugels lichtbruin met donkere vlekken, die zich voornamelijk concentreren op het uiteinde van de voorvleugels, ongeveer vanaf 2/3e van de voorvleugel totaan de apex. Twee opvallende discale stippen. Voorvleugels soms licht glanzend. De franje is geblokt. Ondervleugels grijsbruin met een paarsachtige glans. Alleen zeker te onderscheiden van H. ditella op basis van genitaal onderzoek (Pelham-Clinton, 1985a).
Levenswijze 'biologie'
De larve lijkt oppervlakkig op die van H. ditella. De larve kenmerkt zich door een bruine kop met een lichtgeel bruinachtig nekschild (prothorax). Het lijf is wit met onopvallende ademhalingsopeningen (pinacula) (Pelham-Clinton, 1985a). De larve leeft op divers dierlijk en plantaardig materiaal en kan zowel binnenshuis als buitenshuis worden aangetroffen.
Waardplanten of voedsel
Divers plantaardig en dierlijk materiaal. De soort is in het verleden vooral aangetroffen in afval materiaal uit schuren, kippenhokken en stallen. Binnenshuis vooral op (gedroogd) voorraadvoedsel (Pelham-Clinton, 1985a; Schütze, 1931a). De soort wordt ook in verband gebracht met schimmels, zoals zwammen op dode boomstammen. De soort zou ook gekweekt zijn uit dood hout van klimop (Pelham-Clinton, 1985a). Schütze (1931a) noemt tevens ook dierlijk materiaal. Hij zou de rupsen hebben gevonden in vachten van dode ratten en muizen.
|
Waarnemingen van Haplotinea insectella |
|
|